De inhoud van een regenton ligt bij de meest gangbare modellen rond de 250 liter. Dat is de standaardmaat die je in tuincentra en webshops het vaakst tegenkomt. Maar er zijn ook kleinere tonnen van 100 of 120 liter en grote exemplaren van 500 liter of meer. Welke inhoud voor jou handig is, hangt af van hoe groot je dak is, hoe vaak het regent en waarvoor je het water gebruikt.
Regentonnen zijn er grofweg in drie categorieën. Kleine tonnen (100 tot 150 liter) zijn compact en passen makkelijk op een klein balkon of in een smalle zijstrook naast het huis. De middelgrote categorie (200 tot 300 liter) is de populairste keuze voor een gemiddelde tuin: groot genoeg om een paar droge dagen te overbruggen, maar niet zo zwaar dat hij moeilijk te verplaatsen is. Grote modellen vanaf 500 liter worden vaker gebruikt bij volkstuinen, moestuinen of als er een groter dakoppervlak beschikbaar is.
Dat hangt af van de oppervlakte van je dak en de hoeveelheid neerslag. De vuistregel is: dakoppervlak (in m²) x neerslag (in mm) = opvangbaar water (in liters). Een plat dakje van 20 m² levert bij 10 mm regen al 200 liter op. Een ton van 250 liter zit dan bij de volgende bui al vol. Bij een groter dak van 50 m² stroomt bij diezelfde regenbui 500 liter van het dak, meer dan een standaard regenton aankan.
Heb je een groot dakvlak aangesloten op één ton van 250 liter, dan loop je bij flinke buien water mis. In dat geval loont het om een grotere ton te kiezen, meerdere tonnen te koppelen of te kiezen voor een ondergrondse regenwaterput.
Bedenk waarvoor je het regenwater gebruikt. Een moestuin van 20 m² vraagt in een droge zomerweek al snel 100 tot 150 liter. Met een ton van 250 liter red je dan twee à drie weken zonder regen. Gebruik je het water alleen voor een paar bloempotten, dan is een kleine ton van 120 liter al voldoende. Wil je ook een gazon besproeien of een vijver bijvullen, dan is een grotere inhoud of meerdere tonnen verstandiger.
Let ook op het gewicht. Een volle regenton van 250 liter weegt 250 kilogram. Zorg dat de ondergrond dat kan dragen, zeker als je de ton op een terrastegel of houten vlonder plaatst. Een ton van 500 liter vol water weegt een halve ton; daarvoor heb je een stevige, vlakke ondergrond nodig.
Je kunt meerdere regentonnen aan elkaar koppelen met een verbindingsstuk. Zo vergroot je de totale inhoud zonder een duur groot model te kopen. Twee tonnen van 250 liter geven je 500 liter opvangcapaciteit en zijn makkelijker te plaatsen dan één ton van 500 liter. Controleer wel of je kraan en overloopstuk op de juiste hoogte zitten als je tonnen combineert, anders loopt de ene ton over terwijl de andere nog halfleeg is.
Kies de inhoud van je regenton op basis van je dakvlak en je watergebruik, niet op basis van wat het goedkoopst is. Een te kleine ton is snel vol en loopt bij hevige regen gewoon over, waardoor je nuttig water verspilt. Een te grote ton is zwaar, duur en staat in droge periodes grotendeels leeg. De gangbare 250 liter is voor de meeste tuinen een goede middenweg, maar aarzel niet om groter te gaan als je dak en je watergebruik daarom vragen.
Een tiny house is een kleine, volwaardige woning die bewust compact is gebouwd, meestal tussen…
Regenwater opvangen betekent dat je het water dat op je dak valt verzamelt en opslaat…
Houtskeletbouw (afgekort HSB) is een bouwmethode waarbij een houten draagconstructie, ook wel een skelet of…
Een sedumdak is een dakbedekking van levende sedumplanten, aangebracht op een dunne laag groeimedium boven…
Een zonneboiler verwarmt kraanwater met energie van de zon, waardoor je bijna 45% bespaart op…
Regenwater hergebruiken betekent dat je opgevangen regenwater inzet voor toepassingen waarbij geen drinkwaterkwaliteit nodig is,…